Commentaar op de Lezingen van het Feest van de Openbaring des Heren (Driekoningen)   (Jaar A) door pater Esteban Kross

Achtergrond van de eerste lezing (Jesaja 60: 1-6)

Rond 540 v.Chr. verslaan de Perzen de Babyloniërsen worden de nieuwe grootmacht in het Midden-Oosten. Zij staan de Joodse ballingen toe om weer terug te keren naar Israël en een nieuwe tempel voor Jahweh te bouwen in Jeruzalem. Na een enthousiast begin, blijken echter na enkele jaren dat er toch weer spanningen zijn gegroeid en dat er toch velen zijn die niet leven naar de idealen en waarden van Gods wet. Een profeet staat op die oproept tot bekering, maar hij benadrukt daarin de hoop: niet de menselijke tekorten hebben het laatste woord, maar de kracht van Gods verlossende liefde. Hij drukt dat uit in pakkende beeldspraak zoals opstaan, zien dat de glorie van God over Zijn volk opgaat, en dat God vele volkeren en mensen samenbrengt in een messiaanse vreugde. Met de geboorte van Gods Zoon te Bethlehem begint de vervulling van deze profetie.

Eerste lezing: Jesaja: 60 1-6

Sta op, laat het licht u beschijnen, Jeruzalem, want de Zon gaat over u op en de glorie van de Heer begint over u te schijnen. Want zie: duisternis bedekt de aarde, het donker de volkeren maar over u gaat de Heer op en zijn glorie is boven u verschenen. Volkeren komen af op uw licht, koningen op de luister van uw dageraad. Sla uw ogen op en zie om u heen: van overal stromen ze naar u toe, uw zonen komen van verre, uw dochters draagt men op de arm. Bij het zien hiervan zult gij met blijdschap worden vervuld en uw hart zal bonzen en wijd worden van vreugde. Want de schatten der zee gaan over in uw bezit, de rijkdommen der volkeren worden aan u afgedragen. Een zee van kamelen bedekt u, jonge kamelen van Midjan en Efa. Alle bewoners van Sjeba trekken naar u toe; ze voeren goud en wierook aan en verkondigen luide de roem van de Heer.

Tussenzang:  Psalm 72

Refrein: ALLE VOLKEN DER AARDE HULDIGEN U, HEER.

1. Mijn God, verleen de koning Uw wijsheid,

de koningszoon Uw rechtvaardigheid.

Rechtvaardigheid zal in zijn dagen ontbloeien 

en welvaart alom tot het einde der maanden.

2. Regeren zal hij van zee tot zee,

vanaf de rivier tot de grens van de aarde.

Vorsten van Tarsis, van verre kusten,

zenden geschenken,

Arabische heersers en Etiopen

betalen Hem accijns:

Hem huldigen alle vorsten der aarde

en alle volken dienen Hem.

3. De arme die steun vraagt zal Hij bevrijden,

de ongelukkige zonder hulp.

Hij zal zich ontfermen over misdeelden,

de zwakken schenkt Hij weer levensmoed.

Achtergrond van de tweede lezing (Efesiërs 3: 2-3. 5-6)

Ook in de brief van Paulus aan de Efesiërs horen we, net als in de profetie van Jesaja 60 in de eerste lezing en in psalm 72 die we daarna hoorden, dat God volkeren in Christus samenbrengt om vrede en een hernieuwde schepping tot stand te brengen. De volkeren zijn in Christus geen vreemdelingen of buitenstaanders meer, maar huisgenoten van God. Heel sterk benadrukt het Woord hier hoezeer voor God alle volkeren, naties en culturen meedoen en tezamen delen in de belofte van het evangelie.

Tweede lezing: Efesiërs 3: 2-3. 5-6

Broeders en zusters, Gij hebt toch vernomen hoe zich de genade Gods heeft verwezenlijkt die mij met het oog op u gegeven is; door openbaring is mij de kennis van het geheim meegedeeld, zoals ik het reeds in het kort heb beschreven. Nooit is het onder vroegere geslachten aan de kinderen der mensen bekend gemaakt, zoals het nu door de Geest is geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten: dat de heidenen in Christus Jezus medeërfgenamen zijn, medeleden en mededeelgenoten van de belofte door middel van het evangelie.

Achtergrond van de evangelielezing:  (Matteüs 2: 1-12)

De evangelist Matteüs richt zich in de eerste twee hoofdstukken van zijn evangelie vooral op de vraag wie er mee zullen doen met alles wat God in en door Zijn Zoon aan het doen is. Eerst was er Jozef, die door geloof te schenken aan de woorden van de droom, deel wordt van Jezus’ komst en Hem de naam Jezus geeft: “God redt”. Daarna zijn er de wijzen uit het oosten, waarin de evangelist met verwijzingen naar teksten uit het Oude Testament, zoals Jesaja 60 en psalm 72, laat zien hoezeer Christus gekomen is als een Redder voor alle volkeren en hoe met Zijn geboorte het licht van Gods genade over alle naties opgaat en allen uitnodigt tot geloof.

Evangelie: Matteüs 2: 1-12

Toen Jezus te Betlehem in Juda geboren was, ten tijde van koning Herodes, kwamen er te Jeruzalem wijzen uit het oosten en vroegen: “Waar is de pasgeboren koning der Joden? Want wij hebben zijn ster in het oosten gezien en zijn gekomen om Hem onze hulde te brengen”. Toen koning Herodes dit hoorde werd hij verontrust en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk bijeen en legde hun de vraag voor waar de Christus moest geboren worden. Zij antwoordden hem: “Te Betlehem in Juda. Zo immers staat er geschreven bij de profeet: “En gij Betlehem, landstreek van Juda, gij zijt volstrekt niet de geringste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman te voorschijn treden, die herder zal zijn over mijn volk Israël””. Toen ontbood Herodes in het geheim de wijzen en hij vroeg hun nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Daarop zond hij hen naar Betlehem met de opdracht: “Gaat een zorgvuldig onderzoek instellen naar het Kind, en wanneer gij het gevonden hebt, bericht het mij dan opdat ook ik het hulde kan gaan brengen”. Na de koning aanhoord te hebben vertrokken zij. En zie, de ster die zij in het oosten gezien hadden, ging voor hen uit totdat ze boven de plaats waar het Kind zich bevond stil bleef staan. Op het zien van de ster werden zij vervuld van overgrote vreugde.  Zij gingen het huis binnen, zagen er het Kind met zijn moeder Maria en op hun knieën neervallend betuigden zij het hun hulde. Zij haalden hun schatten te voorschijn en boden het geschenken aan: goud, wierook en mirre. En in een droom van Godswege gewaarschuwd niet meer naar Herodes terug te keren, vertrokken zij langs een andere weg naar hun land.

Overweging:

Dit hoogfeest van Driekoningen is zo belangrijk voor de Kerk, dat het als het ware op één niveau staat met het kerstfeest. Dit feest sluit de kersttijd af, maar doet dat met een heel diep gelovig, theologisch beeld. Het beeld namelijk van het Kind Jezus, de langverwachte Messias van Israël, die gezocht en gevonden wordt door de wijzen uit het oosten.

Van dit beeld heeft de Kerk vanaf het begin af aan, de diepe betekenis begrepen. Christus is niet alleen geboren voor Israël, het volk waaraan God zich al eeuwen lang op bijzondere wijze openbaarde, maar in Christus zien we ook waaróm God met Israël bezig was, namelijk om álle volkeren tot verlossing te brengen.

De wijzen zoeken, zoals de evangelist uitdrukkelijk zegt, “de pasgeboren Koning der Joden”. Dit is het beeld: in het midden ligt het pasgeboren Kind Jezus. Aan de ene kant staan Maria, Zijn moeder, de H.Jozef en de herders: zij vertegenwoordigen Gods openbaring aan Israël. En aan de andere kant staan de drie wijzen uit het oosten: zij vertegenwoordigen alle volkeren der aarde, die allen geroepen zijn tot geloof en verlossing in Christus.

De traditie van de Kerk begon gaandeweg over drie wijzen te spreken en heeft ze namen gegeven: Melchior, Balthasar en Caspar. Welke gedachten liggen hierachter? Het heeft te maken met het gelovig besef dat het ons aller verantwoordelijkheid is om Christus en Zijn boodschap uit te dragen naar alle volkeren. Dit vraagt van ons dat wij steeds weer opnieuw nadenken hoe Zijn blijde boodschap vertaald en omgezet kan worden in de vele culturen van de mensheid. Christus behoort niet alleen Israël toe, of de blanke Europese volkeren, maar Hij zelf en ook Zijn verlossing, Zijn Woord en de roeping tot goedheid en heiligheid moeten weerklinken in alle culturen en talen.

Dat vraagt van ons dat wij onderscheid leren maken tussen aan de ene kant de kern, het wezenlijke en onveranderlijke van ons Christelijk geloof, en aan de andere kant dat wat tijdsgebonden en cultuurgebonden is. Niet altijd is dat gemakkelijk. Als het Christelijk geloof werkelijk omarmd en doorleefd wordt door een andere cultuur of generatie dan die waar jij zelf deel van bent, dan komen er andere uitingsvormen, een andere muzikale uiting van het geloof, andere accenten in de gebedsvormen, andere accenten in de beleving van het gezinsleven, andere accenten bij het doorvertalen van Christus’ woord in het morele doen en laten van de mensen. Niet altijd gaat dit zonder spanningen. Maar het is een noodzakelijke opdracht aan de wereldwijde Kerk, om Christus en Zijn Woord en aanwezigheid uit te dragen zodat alle volkeren en alle generaties Hem zouden leren kennen als de Weg tot het eeuwig leven, als het mensgeworden Woord van de Vader.

Nog een tweede punt van overweging bij dit hoogfeest. De wijzen volgden de ster omdat zij geloofden dat de ster de geboorte aankondigde van een grote Koning, die van God een goddelijke taak zou meekrijgen om vrede, nieuw leven, hoop en herstel van Gods schepping te brengen. Als wij diep nadenken over het Woord van God, dan mogen wij geloven dat God élke mens een ster meegeeft. En die ster moeten wij proberen te ontdekken en te leren volgen, als we werkelijk gelukkig willen zijn in ons leven.

Jouw ster volgen, de ster die God aan jou heeft meegegeven, is meer dan het volgen van een bepaalde carrière. Het is eerder het leren volgen van de diepe aangevingen van je hart, het beetje bij beetje, over de jaren, leren begrijpen welke jouw plaats is die God je wilt doen innemen in deze wereld: welke levenstaken en welke roeping Hij jou geeft. Het is het leren aanvoelen wat Gods plan is voor jou persoonlijk, op dit moment in jouw leven. Het gaat dan niet alleen om wat Hij wilt dat jij moet doen, maar ook om wie God wilt dat je zult zijn als mens.

Zo wil God niet alleen de wijzen uit het oosten leiden door hun ster, maar zal de ster van ons geloof, de ster van onze hoop op Gods barmhartigheid met ons, de ster van ons zoeken naar Gods aanwezigheid in het bestaan, ons steeds meer leiden op onze levensweg. Die weg zal, net als bij de wijzen, ons brengen tot Christus. Wij zullen Christus, wanneer wij Hem mogen vinden in het Bethlehem van de Eucharistie, onze gaven aanbieden. We geven Hem ons goud, omdat Hij Koning is van ons leven en Koning van de waarden en normen waarnaar wij ons leven trachten te leven. We bieden Hem onze wierook, omdat Hij de levende Heer is, Zoon van de Vader en eeuwige afglans van Zijn heerlijkheid en wijsheid. En we geven Hem ons mirre, dat wil zeggen dat we bij Christus de pijn neerleggen die wij droegen, ons verdriet dat wij soms met ons meedragen, en onze zonden die op ons drukken, opdat Christus ze mag aanvaarden en ons moge verlossen door het mirre van Zijn kruisdood en lijden.

Laten we dan ook dit nieuwe jaar 2023 die ster blijven volgen. Laten we trouw op weg blijven gaan, geleid door Christus. Want uiteindelijk is Hij de ware ster van ons bestaan. Amen.



Categorieën:geloof en leven

Tags: ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: