Maandag 7 september
Eerste lezing: 1 Kor.5,1 8
Tussenzang: ps.5,5 6.7.12
Evangelie: Lc.6,6 11
Dagtekst:
Ps.119(118),137.124: Gij zijt rechtvaardig, Heer, en uw oordeel is juist. Behandel uw dienaar overeenkomstig uw goedheid.
Overweging:
Ook in onze tijd hoor je mensen zeggen dat de moraal weg is en mensen doen waar ze zelf zin in hebben. Het woord ontucht wordt door de apostel Paulus genoemd. Het is een Bijbels woord waarin met name de ontrouw benadrukt wordt. Mensen zijn niet in staat om met respect met de ander om te gaan. De medemens wordt gezien als een soort bezit en middel voor genot. Zo gebeurt het dat iemand leeft met de vrouw van zijn vader. En dat beschouwt als iets wat normaal is. Met een zekere hoogmoed kijkt hij neer op mensen die wel proberen goed te leven. Zij genieten zogenaamd van het leven. Dit kwaad moet worden aangepakt en desnoods moet die persoon uit de gemeenschap van christenen worden verwijderd. Want, zo zegt de apostel Paulus, zomaar dingen laten gebeuren, haalt de moraal omlaag en verziekt de gemeenschap. Wij merken ook in onze tijd dat er bij mensen die in het verleden christelijk zijn opgevoed een soort onverschilligheid groeit en een verdraagzaamheid die negatief werkt. Dat zien wij terug in de trouw bij het Huwelijk. Heel wat mensen laten de oude partner achter zich om een nieuwe relatie te beginnen. Het gemak waarmee dit geaccepteerd wordt moet ons aan het denken zetten. Heel vaak zien wij dat mensen die in een nieuwe relatie terecht komen ook de band met God los laten. Het zelfbeschikkingsrecht is sterker dan de wil te doen van de Vader. Elkaar durven corrigeren is ook een onderdeel van het christelijk leven. Toch merken wij ook dat bij het dienen van God vaak een verkeerd beeld van Hem ontstaat. Het is onjuist om mensen te leren dat het strikt onderhouden van de wet onze redding is. Voor de apostel Paulus is niet de wet de redding van de mens maar het geloof in Gods barmhartigheid. Dat komt ook naar voren in het evangelie van vandaag. Een man met een verschrompelde hand komt de synagoge binnen. Jezus vraag aan de Farizee n is: Mag Ik deze man op sabbat genezen? En Hij laat zien wat voor God het belangrijkste is. Hij roept de man naar voren en stelt de vraag: waarvoor is de sabbat? Mag je iemand goed doen en genezen, iemand redden in plaats van zo iemand laten omkomen? Hij kijkt hoe ze daarop reageren maar ze zeggen niets. Door de man te genezen laat Hij zien wat voor God werkelijk belangrijk is. Dit is een prachtig voorbeeld over goed en kwaad. Niet de wet maar de liefde telt. Waar de liefde in het geding is, doe je ook God tekort. Dat is de les die wij vanuit het evangelie meekrijgen.
Gebed:
God, Gij hebt ons verlost en tot uw geliefde kinderen aangenomen. Zie in uw goedheid naar allen die Gij als een vader bemint. Geef hun die in Christus geloven de ware vrijheid en het erfdeel in het eeuwig leven. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon. Amen.
Dinsdag 8 september: FEEST VAN MARIA GEBOORTE
Eerste lezing: Micha 5,1 4a of Rom.8,28 30
Tussenzang: ps.13,6
Evangelie: Mt.1,1 16.18 23 of 18 23
Dagtekst:
Laten wij met vreugde de geboorte vieren van de heilige maagd Maria, want uit haar is opgegaan de Zon van de gerechtigheid, Christus onze God.
Overweging:
De lezingen van vandaag laten zien dat God zijn plan met de mensen niet van de ene op de andere dag uitvoert. Generaties lang werkt Hij aan de vervulling van zijn belofte. De stamboom van Jezus in het evangelie maakt duidelijk dat God mensen inschakelt met hun sterke kanten en hun tekortkomingen. Midden in die lange geschiedenis verschijnt Maria. Haar geboorte lijkt op het eerste gezicht geen wereldschokkende gebeurtenis. Ze wordt zelfs niet beschreven in de Bijbel. Toch vieren wij haar vandaag omdat zij degene zal worden die Gods uitnodiging met heel haar hart aanvaardt. Door haar vertrouwen krijgt Gods Zoon een plaats in onze menselijke geschiedenis. Dat is ook een boodschap voor ons. Wij denken soms dat alleen grote prestaties tellen maar God ziet ook de kleine stappen van trouw, liefde en geloof. Een vriendelijk woord, een helpende hand of een volgehouden gebed kunnen meer betekenen dan wij beseffen. De geboorte van Maria herinnert ons eraan dat God ons leven en de hele mensengeschiedenis leidt, vaak op een onverwachte manier. Hij roept ook ons om beschikbaar te zijn voor liefde, zodat zijn licht zichtbaar wordt in onze gezinnen, onze gemeenschap en de wereld om ons heen.
Gebed:
Heer, schenk uw hemelse genade aan allen die U dienen: laat het geboortefeest van de heilige maagd Maria de vrede versterken in hen voor wie haar maagdelijk moederschap het begin is van de verlossing. Door onze Heer Jezus Christus uw Zoon. Amen.
Woensdag 9 september
Eerste lezing: 1 Kor.7,25 31
Tussenzang: ps.45,11 12.14 17
Evangelie: Lc.6,20 26
Dagtekst:
Mt.25,34.36.40: Zo spreekt de Heer: Komt gezegenden van mijn Vader; Ik was ziek en gij hebt Mij bezocht. Voorwaar Ik zeg u: Al wat gij gedaan hebt voor een der geringsten van mijn broeders, hebt gij voor Mij gedaan.
Overweging:
De zaligsprekingen bij Lucas zijn scherp en direct. Jezus richt zich tot mensen die armoede, verdriet en afwijzing kennen en noemt hen gelukkig. Niet omdat armoede of lijden op zichzelf goed zouden zijn maar omdat God zich juist over hen ontfermt en hun toekomst in handen neemt. Tegelijkertijd laat Hij wee-roepen horen. Hij waarschuwt hen die menen genoeg aan zichzelf te hebben en hun zekerheid zoeken in bezit, succes of menselijke waardering. Ook Paulus wijst in de eerste lezing op de voorlopigheid van deze wereld. Hij roept de gelovigen op zich niet te verliezen in wat tijdelijk is maar hun leven te richten op wat blijvende waarde heeft. Dat betekent niet dat aardse verantwoordelijkheden er niet toe doen maar wel dat zij in het licht van Gods Koninkrijk moeten worden bezien. Petrus Claver die wij vandaag gedenken laat met zijn leven zien, dat die woorden geldig zijn voor alle tijden. Hij koos ervoor zijn leven te wijden aan mensen die door anderen vergeten waren of vernederd werden. In de slaven zag hij broers en zussen met een onaantastbare menselijke waardigheid. Zijn voorbeeld laat zien dat het Evangelie niet alleen vraagt om mooie woorden maar vooral om daden, om een levenshouding waarin de minsten gezien worden. De lezingen van vandaag nodigen ook ons uit om na te gaan waar wij onze zekerheid zoeken. Is ons hart gericht op bezit, aanzien en gemak? Of durven wij ons toe te vertrouwen aan Gods beloften? Wie leeft vanuit het Evangelie ontdekt dat ware rijkdom niet ligt in wat wij bezitten maar in de liefde die wij ontvangen van God en doorgeven aan anderen.
Gebed:
God, Gij hebt de heilige Petrus Claver gemaakt tot slaaf met de slaven en hem een bewonderenswaardige liefde geschonken en met een groot geduld gesterkt om hen te helpen. Geef ons, op zijn voorspraak, dat wij steeds zoeken wat Jezus Christus van ons verlangt en onze naasten daadwerkelijk en waarachtig liefhebben. Door onze Heer, Jezus Christus, uw Zoon. Amen.
Donderdag 10 september
Eerste lezing: 1 Kor.8,1b 7.10 13
Tussenzang: ps.139,1 3.13 14ab.23 24
Evangelie: Lc.6,27 38
Dagtekst:
Ps.119(118),137.124: Gij zijt rechtvaardig, Heer, en uw oordeel is juist. Behandel uw dienaar overeenkomstig uw goedheid.
Overweging:
Wij mensen willen ergens bij horen. Dat zit diep in ons wezen verankerd. We bejubelen de mensen die in ons straatje passen en komen in verzet tegenover mensen die anders doen en anders handelen. Van kleins af aan voelen we dit. Als iemand anders is dan normaal en daarom buitengesloten wordt kan dat grote impact hebben op diens leven. Zo dragen wij vaak de wonden van onze kinderjaren met ons mee, wonden die kunnen opspelen in ons volwassen leven. Mensen hebben er dan soms ook veel voor over om niet buiten de boot te vallen, om zulke wonden niet op te lopen. En toch, mensen blijven zich koesteren in de kring van gelijkgezinden en sluiten op deze manier andere mensen buiten. Jezus waarschuwt ons vandaag. We moeten niet menen loon te ontvangen als we met gelijkgezinden goed omgaan en anderen buitensluiten. Mensen die ons minder liggen, die van onze kant op minder sympathie kunnen rekenen, daar moet ook onze aandacht naar uitgaan. Het zal ons misschien moeite kosten omdat we anders moeten gaan denken. Doen wij dat niet dan kan dat, volgens de apostel Paulus leiden tot eigenwaan. Het gaat erom lief te hebben. Onze kennis moet afdalen naar ons hart en daar moet de liefde het overnemen. Want soms is het nodig om iets goeds achterwege te laten als het voor een ander een doorn in het oog is, als het een ander schade berokkent. We zouden moeten uitzien naar wat voor een ander goed is. En daarvoor geeft Jezus ons opdrachten: beminnen, barmhartig zijn, niet oordelen, niet veroordelen, vrij spreken en geven. Dat is hoe wij ons ten overstaan van onze naaste zouden moeten verhouden en vooral naar die mensen toe die ons minder goed liggen, waar we normaal met een grote boog omheen zouden lopen. Als we Jezus op de goede weg willen volgen dan zouden we dit kunnen samenvatten met de volgende woorden: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. Jezus zelf formuleert het, zoals bij alles, in positieve zin: behandel de mensen zoals je zelf behandeld wilt worden. De maat die wij voor onze medemens gebruiken die zal ook voor ons gebruikt worden. Als we kijken hoe God van ons houdt dan kan het niet anders dan dat dat zijn weerslag heeft op onze omgang met onze medemens.
Gebed:
God, Gij hebt ons verlost en tot uw geliefde kinderen aangenomen. Zie in uw goedheid naar allen die Gij als een vader bemint. Geef hun die in Christus geloven de ware vrijheid en het erfdeel in het eeuwig leven. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon. Amen.
Vrijdag 11 september
Eerste lezing: 1 Kor.9,16 19.22b 27
Tussenzang: ps.84,3 6a.8a.12
Evangelie: Lc.6,39 42
Dagtekst:
Ps.119(118),137.12: Gij zijt rechtvaardig, Heer, en uw oordeel is juist. Behandel uw dienaar overeenkomstig uw goedheid.
Overweging:
Wij kunnen van mening zijn dat we het allemaal goed voor elkaar hebben in ons leven terwijl wij intussen wel ziende blind zijn. Ons zicht op wat cht van belang is, vertoont blinde vlekken of we zien het helemaal niet. En als wij ons dan ook nog begeven onder mensen die ook niet zien, dan kan dit niet zo n goede afloop hebben. We hoorden Jezus dan ook zeggen dat we als blinden niet andere blinden kunnen leiden. Beiden vallen dan in de kuil. En zo keren we terug naar het onderwerp waar het gisteren ook over ging: hoe om te gaan met elkaar? Dat dit niet altijd even gemakkelijk is, is duidelijk. Mensen schijnen steeds vaker last te hebben van een kort lontje . Velen kunnen nergens meer tegen en bij het minste of geringste slaat het vuur in de pan. Hoe komt dit toch? E n van de oorzaken zou kunnen zijn dat mensen geen kritiek meer kunnen verdragen. Het wordt ook niet meer aan kinderen geleerd. Uit gemakzucht wordt gezocht hoe ze hun zin te geven. En dan, als de echte, harde wereld zich aandient, dan weten ze zich geen raad. De ander heeft het niet bij het rechte eind. Of om het in termen van het evangelie van vandaag te zeggen: die ziet het niet goed. Maar intussen merken we de balk in ons eigen oog niet op. We vallen soms over kleinigheden van anderen terwijl het bij onszelf tig keer erger is. Wat zou het goed zijn om onszelf eens wat vaker een spiegel voor te houden en er cht in te durven kijken. Wij doen alles om een vergankelijke krans terwijl het ons te doen moet zijn om een onvergankelijke. Dit vraagt wel om een bepaalde levenshouding die we van Jezus aangeleerd krijgen. We moeten onze weg kennen en daar goed getraind en uitgerust aan timmeren. Dan zullen we ons niet als blinden op weg begeven. Dat wij in ons leven steeds opnieuw de nabijheid van de Heer opzoeken, in zijn huis om geestelijk gevoed te worden door zijn Woord en zijn Lichaam en Bloed. Als wij hier diep van binnen op gebrand zijn dan is de viering van de Eucharistie n en al vreugde en krijgen wij de kracht om onszelf onder ogen te komen en om goed om te gaan met onze naaste.
Gebed:
God, Gij hebt ons verlost en tot uw geliefde kinderen aangenomen. Zie in uw goedheid naar allen die Gij als een vader bemint. Geef hun die in Christus geloven de ware vrijheid en het erfdeel in het eeuwig leven. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon. Amen.
Zaterdag 12 september
Eerste lezing: 1 Kor.10,14 22
Tussenzang: ps.116,12 13.17
Evangelie: Lc.6,43 49
Dagtekst:
Judit 13,18 19: Gezegend zijt gij, maagd Maria, door de Heer, de allerhoogste God, meer dan alle vrouwen op aarde, want uw naam heeft Hij zo groot gemaakt dat uw lof nooit zal wijken uit de mond der mensen.
Overweging:
In het evangelie van vandaag gebruikt Jezus twee eenvoudige beelden die iedereen begrijpt: een boom die vruchten draagt en een huis dat gebouwd wordt op een fundament. Met deze beelden nodigt Hij ons uit om niet alleen naar de buitenkant van ons leven te kijken maar vooral naar wat er leeft in ons hart. Jezus zegt: Elke boom wordt aan zijn vruchten gekend. Goede vruchten komen voort uit een goede boom. Daarmee wil de Heer ons leren dat onze woorden, onze keuzes en onze daden niet zomaar uit het niets ontstaan. Zij komen voort uit wat wij in ons hart koesteren. Daarom is de vraag niet alleen: Wat heb ik gedaan? maar ook: Waarom heb ik het gedaan? Welke intenties leven er in mij? Laat ik mij leiden door liefde, geloof en vertrouwen, of door eigenbelang, angst of bitterheid? De Schrift leert ons dat het hart het centrum van de mens is, de plaats waar beslissingen worden genomen. God kijkt niet alleen naar onze uiterlijke prestaties; Hij ziet het hart. Dat is troostend, want Hij kent ook onze strijd, onze zwakheid en ons verlangen om beter te worden. Daarom mogen wij vandaag bidden met de woorden van de psalm: Schep in mij een zuiver hart, o God. Jezus geeft ons ook een eenvoudige manier om onszelf te onderzoeken. Hij zegt: Waar het hart vol van is, daar loopt de mond van over. Onze gesprekken onthullen vaak wat er diep in ons leeft. Spreken wij woorden van hoop, bemoediging en dankbaarheid? Of overheersen klacht, kritiek en negatieve gedachten? Onze woorden kunnen een spiegel zijn van de toestand van ons hart. Vervolgens spreekt Jezus over het huis dat op de rots gebouwd is. Die rots is Christus zelf. Een christelijk leven kan alleen standhouden wanneer het gegrondvest is op Hem. Niet alleen door zijn woorden te horen, maar door ze ook in praktijk te brengen. Wanneer stormen komen, en die komen in ieder mensenleven, blijft het huis overeind als het rust op het vaste fundament van Gods liefde. Laten wij daarom vandaag opnieuw kiezen voor die weg die Jezus ons aanwijst: naar Hem toe gaan, naar Hem luisteren en zijn woord beleven. Moge Maria, die Gods Woord in haar hart bewaarde, ons helpen om ons leven op Christus te bouwen, zodat wij goede vruchten dragen en standvastig blijven in geloof, hoop en liefde.
Gebed:
Almachtige God, wij vragen U dat de heilige maagd Maria aan allen die haar vereren om haar naam vol heerlijkheid, de weldaden mag schenken van uw barmhartigheid. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon. Amen.