Commentaar op de Lezingen van de 25e Zondag door het Jaar (Jaar A) door Pater Esteban Kross

Geplaatst door

Pater Esteban Kross

Achtergrond van de eerste lezing (Jesaja 55: 6-9)

De profeet Jesaja sprak de Israëlieten van zijn tijd aan op hun oppervlakkigheid en het morele verval dat heel duidelijk aanwezig was bij velen in de samenleving. Hun zonde lag erin in alles het eigen voordeel, de eigen mening, en een materialistische  levensstijl na te streven, zonder in te willen zien dat God uitgaat van hele andere waarden en normen. De profeet roept op tot bekering en dat wil heel concreet zeggen: God de ruimte geven jouw denken en handelen te richten naar Zijn wegen.

Achtergrond van de tweede lezing: (Filippenzen 1: 20-24.27)

In de brief aan de Filippenzen richt de apostel Paulus zich tot de gelovigen van de stad Filippi, in het noorden van Griekenland. Hij had deze christengemeente gesticht tijdens zijn tweede missiereis, maar nu hij, enige jaren later, deze brief aan hen schrijft, is hij in gevangenschap omdat hij vervolgd werd omwille van zijn verkondiging van Christus. Paulus hoopt eens weer in Filippi te komen, maar houdt er ook rekening mee dat hij misschien de marteldood zal sterven. Zijn mogelijke dood zal hem verenigen met Christus, maar als hij blijft leven heeft hij nog kans enige jaren het evangelie te verkondigen.

Achtergrond van de evangelielezing:  (Mattheüs 20: 1-6)

Een uitdagende parabel: zo zouden we Jezus’ gelijkenis die we deze zondag beluisteren, best mogen noemen. Zoals Hij wel vaker doet in Zijn parabels, prikkelt Jezus ons tot nadenken. Hij daagt ons uit na te denken over hoever onze naastenliefde in feite gaat in het echte dagelijks leven. Christus daagt ons uit te blijven groeien in de liefde, zoals God ons heeft liefgehad.

Overweging bij de lezingen

De situatie die Jezus in zijn parabel beschrijft, kennen we in Suriname ook. Als er geregeld zwaar lichamelijk werk is bij bedrijven of in de bouw, zoals het versjouwen en inladen van zware boomstammen, of van vrachten met bouwstenen of andere zware materialen, dan heeft de eigenaar of bedrijfsleider daar vaak geen arbeiders voor in vaste dienst, maar gaat naar bepaalde plekken in de stad, waar er mannen zijn die geen vast werk hebben of werkloos zijn, en hopen dat ze gevraagd zullen worden voor een job voor die dag. Het gaat dan vrijwel altijd over zwaar werk voor relatief weinig geld, in vergelijking met wat arbeiders in vaste dienst bij een bedrijf verdienen. Zo was er een aantal jaren geleden een documentaire over een hosselaar van een jaar of drieëntwintig die ergens op Efraïmzegen of Latour woonde. Ook hij had geen vast werk, maar hoopte op losse jobs voor de dag of voor enkele dagen. In die documentaire zag je op indringende wijze een aantal sociale realiteiten die samengaan met armoede, zoals slechte behuizing, onzekerheid, gevaarlijke werkomstandigheden, en bedrijfsongevallen die de arbeiders blijvende letsels en gebreken toebrengen maar waar het bedrijf geen medeverantwoordelijkheid voor wilt nemen en deze arbeiders zonder verdere voorzieningen aan de kant zet en verdergaat met andere arbeiders.

In deze context spreekt Jezus in Zijn parabel over een landeigenaar, die uit bewogenheid met het lot van arbeiders zonder vast inkomen, bereid is om ook aan hen die hij later op de dag inhuurt, toch dat dagloon te geven.

Natuurlijk heeft Jezus hierbij God de Vader op het oog. De farizeeën spraken vaak over de strengheid van God, over Zijn wetten en geboden die de mens heeft te onderhouden, en over de neiging van de mens te gaan ‘slabakken’ ten aanzien van Gods wetten en geboden, en over de straf van God die daar het gevolg van is. Jezus benadrukt echter Gods bewogenheid, Gods gerichtheid op kwesties die het leven van mensen heel concreet en diepgaand bepalen. Jezus ontkent niet dat God ook streng moet zijn, gewoon omdat rechtvaardigheid, orde en verantwoordelijkheid geregeld strengheid vereisen. Maar het gaat om het begrijpen van wat liefde eigenlijk is. Liefde zoekt altijd balans, omdat liefde zich betrokken maakt bij het wel en wee van de ander en alleen zelf gelukkig is wanneer tegelijkertijd ook de anderen gelukkig kunnen zijn.

Paus Franciscus zegt het zo mooi in zijn pastorale werk “Evangelii Gaudium”, “De vreugde van het evangelie”. Daar zegt de Paus: “Een Vader belijden die iedere mens oneindig liefheeft, wil zeggen dat we ontdekken dat Hij door deze liefde een oneindige waarde aan iedere mens toekent. Belijden dat God de Zoon mens is geworden, houdt in dat iedere mens verheven werd tot in het hart zelf van God. Belijden dat Jezus Zijn bloed voor ons heeft vergoten, laat geen enkele twijfel meer bestaan aan zijn grenzeloze liefde, die aan iedere mens een adellijke waardigheid geeft. Zijn verlossing heeft een sociale betekenis omdat God in Christus niet alleen de individuele persoon verlost, maar ook de sociale relaties tussen mensen. Belijden dat de Heilige Geest in ieder van ons werkzaam is, houdt in dat wij erkennen dat Hij iedere menselijke situatie en alle sociale banden wil doordringen. De eerste verkondiging is een uitnodiging om ons door God te laten beminnen en Hem lief te hebben met de liefde die Hij ons toedraagt. Als de mens daarop ingaat, brengt dit in ons leven en handelen, een fundamentele grondhouding tot stand: het goed van de ander verlangen, nastreven en ter harte nemen”. (Evangelii Gaudium, 178).

Het geloof in Christus is dus een grote uitdaging. Het vraagt van ons dat wij oprecht de gerichtheid op onszelf, op onze eigen belangen, op onze mening en ons gelijk, proberen onder ogen te zien en proberen te overwinnen, om zo te komen tot een groei in het liefhebben. Het gaat er in de eerste plaats om dat wij de drieëne God liefhebben, dus de Vader, Zoon en Heilige Geest onze aanhankelijkheid en wederliefde geven. Van hieruit, vraagt de Heer ons dan om in liefde ons te laten raken door de medemens en de balans te zoeken van de eigen verantwoordelijkheid bij de ander te laten en toch tegelijkertijd in bewogenheid te kijken naar wat je voor de ander kan betekenen.

Deze uitdaging gaat niet alleen over het liefhebben op het persoonlijke niveau. Wij gaan beseffen dat de vorm van liefde die de Heer van ons vraagt, ons ook altijd verbindt met de sociale en maatschappelijke realiteiten die concreet het welzijn van mensen in de samenleving medebepalen. Dit, omdat alles met alles verbonden is.   Ook hierbij nogmaals hele inspirerende woorden van Paus Franciscus, die tot ons zegt:

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s