Leefbaar Suriname

Stolkertsijver en het grote gastenboek van de rechtsstaat

Er zijn plekken waar je langsrijdt en plekken die met je meerijden. Stolkertsijver hoort bij die laatste categorie. Je passeert er niet zomaar een politiepost, een bord en wat asfalt. Je passeert geschiedenis. Ongemakkelijke geschiedenis. Het soort geschiedenis dat in Suriname graag netjes wordt opgeborgen onder het kopje: “laten we vooruitkijken”. Dat klinkt altijd zo verheven. Veel mooier dan: “we hebben geen zin meer om ons iets te herinneren”.

Maar soms staat het verleden gewoon langs de weg. Met een uniform aan. Met een schrift op tafel. En met de vriendelijke mededeling dat u zich even moet registreren. Voor uw veiligheid natuurlijk. Want in Suriname gebeurt bijna alles tegenwoordig voor uw veiligheid, behalve het veiliger maken van de dingen die werkelijk onveilig zijn.

Voor wie het nationaal geheugen even op vliegtuigstand heeft staan: Stolkertsijver is niet zomaar een locatie. Tijdens de Binnenlandse Oorlog speelde de plek een beladen rol. In de nacht van 21 op 22 juli 1986 vond daar een van de eerste gewapende acties plaats van het Jungle Commando tegen het Nationaal Leger. Militairen werden gevangengenomen, wapens buitgemaakt, en de oorlog kreeg een gezicht dat velen liever niet meer aankijken.

Daarna volgde de harde reactie van het Nationaal Leger. Dorpen, burgers, huizen, angst. Stolkertsijver werd meer dan een naam op een routebord. Het werd een herinnering aan wat er gebeurt wanneer macht niet meer wordt uitgelegd, maar uitgevoerd. Precies daarom is het geen klein detail wanneer burgers daar opnieuw een post worden binnengestuurd zonder helder antwoord op de vraag: waarom?

Onlangs was ik zo’n burger. Ik werd bij Stolkertsijver gevraagd om binnen in de mobiele politiepost mijn gegevens te laten noteren. Niet gewoon rijbewijs tonen. Niet even controleren of de auto nog meer is dan een verzameling onderdelen met ambitie. Nee, naar binnen. Naam in het boek. De republiek als receptie zonder hotel.

“Waarvoor is dit?” vroeg ik. Het antwoord kwam soepel, bijna geruststellend: “Voor uw veiligheid.” Dat zinnetje is inmiddels de nationale allesreiniger van bestuurlijke vaagheid. Je spuit het over elke vraag heen en plotseling ruikt willekeur naar beleid.

Voor uw veiligheid staan we in files. Voor uw veiligheid rijden we door donkere straten. Voor uw veiligheid verdragen we formulieren, loketten en systemen die alleen functioneren wanneer niemand ze nodig heeft. En nu dus ook: voor uw veiligheid schrijft iemand bij Stolkertsijver op dat u voorbij bent gekomen. Misschien komt er nog een kolom bij: “burger leek verdacht vrij”.

Laat mij niet verkeerd worden begrepen. De politie is nodig. Hard nodig. Zonder politie krijgt u geen vrijheid, maar chaos met zwaailicht. Maar juist daarom moet de politie niet worden ingezet als beheerder van het grote gastenboek van de rechtsstaat. Agenten horen niet te verdwijnen achter een schrift waarvan doel, grondslag en bestemming onduidelijk zijn. Paramaribo is een openluchtcollege verkeersanarchie. Criminaliteit vraagt aanwezigheid, professionaliteit en vertrouwen. Daar ligt werk genoeg. Meer dan genoeg.

Controle mag. Natuurlijk mag controle. Rijbewijs, verzekering, technische staat: allemaal prima. Maar registratie is iets anders. Dan mag de burger vragen stellen. Op basis van welke wet? Is het verplicht of vrijwillig? Wat gebeurt er met de gegevens? Hoelang blijven ze bewaard? Wie leest ze? En wat gebeurt er als iemand zegt: liever niet?

Dat zijn geen lastige vragen. Dat zijn vrije vragen. Het soort vragen dat een burger hoort te kunnen stellen zonder meteen behandeld te worden alsof hij een opstand aan het organiseren is tussen de kilometerpaaltjes. Als registratie vrijwillig is, zeg dat dan. Als registratie verplicht is, toon de wet. En als weigering betekent dat je niet verder mag, dan is het geen verzoek meer. Dan is het macht.

Suriname is geen politiestaat. Tenminste, zo staat het niet op de toeristische folders. In een democratische rechtsstaat beweegt de burger zich vrij, tenzij de overheid duidelijk, wettelijk en proportioneel uitlegt waarom dat even niet kan. Saai? Zeker. Maar de meeste vrijheden klinken saai totdat je ze kwijt bent.

Juist bij Stolkertsijver zou de overheid gevoel moeten hebben voor symboliek. Een controlepost daar is historisch niet blanco. Voor sommige burgers staat die plek niet alleen voor verkeersveiligheid, maar ook voor herinneringen aan angst, geweld en staatsmacht. Dan is uitleg geen administratieve luxe. Het is elementair fatsoen.

Misschien ligt er ergens een prachtig protocol. Een veiligheidsanalyse. Een ambtelijke nota met zoveel moeilijke woorden dat zelfs de printer om pauze vraagt. Maar beleid dat de burger alleen bereikt als bevel, zonder uitleg, kweekt geen vertrouwen. Het kweekt achterdocht. En achterdocht is de belasting die burgers betalen wanneer de overheid nalaat helder te zijn.

Leefbaarheid gaat dus niet alleen over asfalt, vuilophaal, straatverlichting en economische groei. Leefbaarheid gaat over de vraag of je in je eigen land kunt bewegen zonder je telkens af te vragen of vrijheid eerst moet worden afgetekend. Een staat die vertrouwen vraagt, moet zelf controleerbaar zijn. Niet de burger alleen.

Dus ja, controle mag. Veiligheid telt. Maar registratie zonder duidelijke uitleg, op een plek met deze geschiedenis, hoort niet achteloos normaal te worden. Wie daar vragen over stelt, ondermijnt de politie niet. Hij verdedigt de rechtsstaat. En dat zou geen verdachte activiteit moeten zijn.

Als Suriname straks werkelijk rijk wordt, laat het dan ook rijk worden aan rechtsstatelijk fatsoen. Want een land kan veel olie, goud en gas hebben. Maar als burgers bij elke controle moeten bewijzen dat zij geen probleem zijn, dan zijn we misschien uitstekend geregistreerd. Alleen nog niet vrij genoeg.



Categorieën:geloof en leven

Plaats een reactie