Commentaar op de lezingen van Pinksteren 2026 (Jaar A) door pater Esteban Kross

Achtergrond van de eerste lezing (Handelingen der Apostelen 2: 1-11)

Handelingen der Apostelen beschrijft de uitstorting van de Heilige Geest met de Oudtestamentische beelden van storm en vuur. De Heilige Geest kwam stormachtig over de apostelen zoals eens over de profeten van Israël. Storm en vuur roepen ook in gedachten het sluiten van het eerste verbond op de berg Sinaï, toen Gods Geest Mozes leidde met wijsheid, met inzicht in Gods geboden en idealen, en met kracht. Op het Pinksterfeest doortrok de Geest de apostelen gelijk een vuur, schonk hun bezieling en innerlijke moed. Zij verkondigden de verlossing die Jezus’ kruisoffer gebracht heeft. Zij getuigden van de nieuwe verzoening van de mens met God die door het kruis gekomen is. Hun verkondiging op Pinksteren werd zo in feite een omkeer van de verdeeldheid van de Babylonische spraakverwarring uit het begin van het boek Genesis. De eerste reactie op de nieuwe verkondiging van de leerlingen is verwondering en verbazing, maar ook openheid en geloof.

Eerste lezing: Handelingen der Apostelen 2: 1-11

Toen de dag van Pinksteren aanbrak waren allen bijeen op dezelfde plaats. Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en heel het huis waar zij gezeten waren was er vol van. Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette. Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en zij begonnen te spreken in vreemde talen, naargelang de Geest hun te vertolken gaf. Nu woonden er in Jeruzalem Joden, vrome mannen die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel. Toen dat geluid ontstond liepen die te hoop en tot hun verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn taal. Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering: “Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs? Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in zijn eigen moedertaal? Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van Judaa en Kappadocië, van Pontus en Asia, van Frygie en Pamfylië, Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven, Joden zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden.”

Tussenzang:  Psalm 104

Antifoon: ZEND GIJ UW GEEST, DAN KOMT ER WEER LEVEN,

DAN MAAKT GIJ UW SCHEPPING WEER NIEUW.

1. Verheerlijk, mijn ziel, de Heer, wat zijt Gij groot, Heer mijn God. Hoe veel is het wat Gij gedaan hebt, Heer, de aarde is vol van Uw schepsels.

2. Neemt Gij hun geest weg dan komen zij om, en keren terug tot de aarde. Maar zendt Gij Uw Geest, dan komt er weer leven, dan maakt Gij Uw schepping weer nieuw.

3. De roem van de Heer blijve eeuwig bestaan, Hij vinde Zijn vreugde in al Zijn schepsels; Mogen mijn woorden Hem aangenaam zijn, dan zal ik mij in de Heer verheugen.

Achtergrond van de tweede lezing (1 Korintiërs 12: 3b-7. 12-13)

Paulus vertelt de gelovigen van Korinte over de werking van de Heilige Geest die ons in het doopsel door Christus gegeven wordt. De belijdenis “Jezus is de Heer” wordt dan een uiting van het geloof dat de aanwezigheid van de levende, verrezen Heer ons leven een nieuw perspectief biedt, onze waarden verdiept en ons nieuwe kracht geeft. De gaven van de Geest moeten ons leiden tot dienstbaarheid, eenheid en inzet binnen de geloofsgemeenschap.

Tweede lezing: 1 Korintiërs 12: 3b-7. 12-13

Broeders en zusters, niemand die zegt: “Jezus is vervloekt” staat onder invloed van de geest van God; en niemand kan zeggen: “Jezus is de Heer” tenzij door de heilige Geest. Er zijn verschillende gaven maar slechts één Geest. Er zijn vele vormen van dienstverlening maar slechts één Heer. Er zijn allerlei soorten werk maar er is slechts één God die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van ons wordt de openbaring van de Geest meegedeeld tot welzijn van allen. Het menselijk lichaam vormt met zijn vele ledematen één geheel; alle ledematen, hoe vele ook, maken tezamen één lichaam uit. Zo is het ook met de Christus. Wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen zijn immers in de kracht van één en dezelfde Geest door de doop één enkel lichaam geworden en allen werden wij gedrenkt met één Geest.

Achtergrond van de evangelielezing:  (Johannes 20: 19-23)

De stemming van de apostelen die eerste zondagavond na de kruisiging was er een van verwarring en vrees. Verwarring door de verbijsterende ontdekking eerder op de dag dat het graf leeg was en de verhalen van de vrouwen die zeiden dat ze een verschijning hadden gehad van engelen die hen gezegd hadden dat Jezus verrezen was. Daarnaast was er ook de vrees dat de hogepriesters en het sanhedrin hen zouden laten oppakken om de beweging rond Jezus geheel uit te roeien. De apostelen hadden daarom best goede redenen om die avond te deuren van de bovenzaal op slot te houden uit angst voor de Joden. Maar dan verschijnt Jezus en laat Hij zich zien in Zijn verrezen heerlijkheid. Na Zijn groet: “Vrede zij u”, vervolgt Hij tot hen: “Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik jullie”. De zichtbare zending van Jezus in de wereld is nu afgelopen. De zending van de Kerk begint nu. De Kerk zal haar zending slechts kunnen vervullen en waarmaken, wanneer ze de Heilige Geest de ruimte geeft om in haar te werken. Voor de wijdere wereld zal de gave van de Heilige Geest zich pas op Pinksteren in volle vurigheid openbaren, maar aan de kring van Zijn apostelen schenkt Jezus reeds op die eerste paasavond de genade van de Heilige Geest.

Evangelie: Johannes 20: 19-23

In de avond van die eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: “Vrede zij u.” Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: “Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft zo zend Ik u.” Na deze woorden blies Hij over hen en zei: “Ontvangt de heilige Geest. Wier zonden gij vergeeft hun zijn ze vergeven, en wier zonden gij niet vergeeft hun zijn ze niet vergeven.”

Overweging:

Ik wil met u de lezingen van Pinksteren overwegen met het thema dat Paus Leo XIV voor dit jaar 2026 heeft aangereikt: “Verbonden in Christus, één in missie.”

Pinksteren is niet alleen het feest van enthousiasme of inspiratie. Het is het feest waarop de Kerk geboren wordt als een gemeenschap die leeft uit eenheid én zending. En dat is nu, in 2026, nog actueler dan ooit. Wij leven in een tijd waarin verbondenheid kwetsbaar geworden is. Oorlogen verdelen volkeren. Politieke spanningen drijven mensen uiteen. Ook dichter bij huis is de samenleving harder aan het worden, meer wantrouwen, telkens weer tekens van polarisatie en dat voelt niet fijn aan. Mensen spreken wel met elkaar, maar verstaan elkaar vaak niet meer werkelijk.

Pinksteren is zo actueel. Gods Geest wil mensen niet tegenover elkaar plaatsen, maar bijeenbrengen en verbinden in een rijke verscheidenheid onder de mensen. In de tweede lezing uit de eerste Brief aan de Korintiërs schrijft de apostel Paulus: “Er zijn verschillende gaven, maar slechts één Geest.” Dit is waar Paus Leo XIV naar verwijst met het eerste deel van het thema: “Verbonden in Christus”. Door ons geloof en doopsel in Christus bestaat de Kerk, het Lichaam van Christus, uit vele ledematen. Er zijn zovele verschillende talenten onder ons mensen. In de Kerk zijn er zovele leden met verschillende taken, levend vanuit zovele talen en culturen. En in dat alles wilt de Heilige Geest ons steeds weer vormen tot één lichaam.

Dit is misschien wel één van de mooiste beelden van de Kerk: geen verzameling perfecte mensen die allemaal hetzelfde denken, maar een gemeenschap die samen gedragen wordt door dezelfde Heilige Geest die wij in ons doopsel door Christus geschonken kregen, een gave die later verdiept werd in het sacrament van het vormsel. Samen zijn wij geroepen om een actieve, levendige Kerkgemeenschap te zijn die een krachtige uitstraling heeft in de maatschappij van onze tijd “Verbonden in Christus, één in missie.”

Wij staan voor iets en wij hebben ook echt iets te zeggen: Jezus leeft en plaatst zoveel in een dieper, hoopvol perspectief. Hij is onze kracht in gebed en sacrament, en dat geeft ons een veerkracht in het zo wisselvallige mensenbestaan. Wij getuigen door ons eigen vertrouwen op de kracht van de Heilige Geest, van een goedheid die ons geopenbaard is en die doorgegeven is de eeuwen door: een goedheid die steeds weer aanspoort tot onderlinge eenheid en tot waarden en normen die mensen met elkaar willen verbinden in rechtvaardigheid, waarheid en compassie.

“Verbonden in Christus, één in missie”: dat betekent ook dat niemand overbodig is. Iedere gelovige mens heeft een gave ontvangen om bij te dragen aan het geheel. De één brengt vrede, de ander wijsheid. Sommigen troosten, anderen bouwen bruggen tussen groepen die elkaar niet meer vertrouwen. Weer anderen getuigen eenvoudig door trouw, gebed en dienstbaarheid. Waar mensen zich laten leiden door de Geest, daar groeit iets van Gods Koninkrijk.

In de evangelielezing die de liturgie ons voor Pinksteren geeft, verschijnt de verrezen Heer aan Zijn leerlingen terwijl de deuren gesloten zijn uit angst. Zijn eerste woord is: “Vrede zij u.” Daarna blaast Hij over hen en zegt: “Ontvang de Heilige Geest.” Het is opmerkelijk dat Pinksteren hier begint met vrede. Niet met macht, niet met triomf, maar met de gave van vrede. De missie van de Kerk begint vanuit een hart dat door Jezus zelf genezen is en bevrijd wordt van angst. Missie betekent daarom niet eerst grote woorden spreken of anderen overtuigen. Missie begint waar christenen dragers worden van Gods vrede. Waar zij verbinding zoeken in plaats van verwijdering. Waar zij weigeren mee te gaan in haat of bitterheid. De Heilige Geest is immers een Geest van liefde, waarheid en gemeenschap.

Pinksteren roept ons vandaag op om mensen van verbinding te worden. In onze gezinnen, parochies, gemeenschappen en samenlevingen. Natuurlijk kunnen wij niet alle conflicten van de wereld oplossen, maar wij kunnen wel beginnen met luisteren, vergeven, ruimte maken voor de ander, en vrede brengen waar spanning heerst. Iedere kleine daad van verzoening is een teken van de Geest.

De Heilige Geest werkt vaak stil: zoals adem, zoals vuur dat warmte geeft, zoals wind die je niet kunt vastgrijpen maar wel voelen. In stilte verandert de Heilige Geest mensen van binnenuit: bange leerlingen worden moedige getuigen, verdeelde mensen groeien naar gemeenschap, gesloten deuren gaan open.

Moge Pinksteren 2026 ook ons opnieuw vervullen met die Geest van Christus. “Verbonden in Christus, één in missie”: dat wij, verbonden in Hem, werkelijk één mogen zijn in missie: bouwers van vrede, getuigen van hoop, en mensen die de wereld helpen herinneren dat Gods liefde sterker is dan verdeeldheid en oorlog.

Zo wil ik ook bij dit Pinksterfeest 2026 dat eeuwenoude gebed bidden tot de Heilige Geest:

Kom Heilige Geest, en vervul de harten van Uw gelovigen, en ontsteek in hen het vuur van uw liefde.  Zend uw Geest uit en alles zal herschapen worden en Gij zult het aanschijn van de aarde vernieuwen. Laat ons bidden: God, Gij hebt de harten van de gelovigen door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen: geef dat wij door die Heilige Geest de ware wijsheid mogen bezitten, en ons altijd over Zijn vertroosting verblijden. Door Christus onze Heer. Amen.



Categorieën:geloof en leven

Plaats een reactie