Gebaseerd op Matteüs 11,27-30
voor de nabestaanden en de gemeenschap van Commewijne, Suriname
Zusters en broeders, vandaag staan wij stil bij een immens tragedie die ons allen diep heeft geraakt. In het ooit zo rustige Commewijne heeft zich een rampspoed voltrokken dat uiteindelijk aan tien mensen het leven heeft gekost. Daarnaast vechten op dit moment nog twee mensen, zwaar gewond, voor hun leven in het ziekenhuis. Onder de slachtoffers bevinden zich naast kinderen ook oudere personen. Verdriet, verbijstering en ongeloof gaan als schokgolven door de nabestaanden; velen in onze gemeenschap voelen zich machteloos en onbegrepen.
De dader, wiens handelingen wij nooit volledig zullen begrijpen, heeft uiteindelijk zichzelf van het leven beroofd. Dit feit laat ons achter met nog meer vragen, een diepere wond en een gevoel van verlatenheid. Onze harten zijn vervuld van pijn en onmacht. Ook de mensen die te hulp schoten, zijn voor altijd getekend door wat zij hebben meegemaakt. We zoeken naar woorden, maar ze schieten tekort. We zoeken naar verklaringen, maar merken dat die niet te vinden zijn.
Lezing uit Matteüs 11,27-30:
Jezus’ uitnodiging aan de vermoeiden en belastten
Laten we nog eens luisteren naar de woorden van Jezus uit het evangelie van Matteüs 11,27-30:
“Komt allen tot Mij, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven. Neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; want mijn juk is zacht en mijn last is licht.”
Jezus spreekt hier niet tot mensen die alles op orde hebben, maar juist tot mensen zoals wij vandaag: moe, gebroken, zwaarbeladen door verdriet. Hij nodigt ons uit om bij Hem te komen met alles wat ons neerdrukt. Hij belooft geen eenvoudige antwoorden, maar wél rust voor onze zielen—een diepe, goddelijke troost die de onrust van ons hart kan verzachten.
Het mysterie van het kwaad: meer vragen dan antwoorden
We kunnen niet anders dan erkennen dat het kwaad waarmee we nu geconfronteerd worden, ons verstand te boven gaat. Niemand van ons zal ooit echt begrijpen waarom dit heeft moeten gebeuren. We blijven achter met meer vragen dan antwoorden. Het kwaad is een mysterie dat ons als mensen soms volkomen machteloos maakt. We willen weten, we willen begrijpen, maar het blijft stil. In dat niet-weten, in het onbegrijpelijke, roept ons hart om rechtvaardigheid, om zin, om God.
Het feit dat zelfs de dader uiteindelijk gekozen heeft voor de dood, maakt het mysterie en ons onbegrip alleen maar groter. We mogen erkennen dat het kwaad ons ontstijgt en niet altijd verklaard kan worden. Laten we elkaar vasthouden in het besef dat sommige vragen voorlopig zonder antwoord blijven. In plaats van ons te verliezen in oordelen of verklaringen, moeten we proberen onze pijn en onze vragen samen te dragen. Dat is niet zwak—dat is menselijk.
Samen het kruis van lijden dragen
Ook Jezus heeft het kwaad en het lijden niet vermeden. Hij heeft het gedragen tot op het kruis. Het kruis staat in ons midden als teken van het zinloze kwaad dat mensen kan overkomen, maar ook van Gods aanwezigheid juist te midden van dat lijden. Het kruis is zwaar, soms ondraaglijk, en toch draagt Jezus het met ons. Hij weet wat het is om door het donker te gaan, om te roepen: “Waarom?” zonder antwoord te krijgen.
Vandaag mogen wij onze pijn, ons verdriet en onze onmacht toevertrouwen aan Hem, die samen met ons het kruis draagt. In elke traan, in elke zucht van wanhoop, is God niet afwezig, maar juist nabij. Ook al begrijpen wij het kwaad niet, we moeten onthouden dat we er niet alleen voor staan.
Boodschap van hoop: troost uit het geloof
Toch klinkt te midden van onze wanhoop een fluistering van hoop. Jezus belooft rust voor onze zielen. Dat betekent niet dat ons verdriet zomaar verdwijnt, maar dat we ergens heen kunnen met onze pijn. We mogen weten dat God ziet, dat Hij meehuilt, en dat Hij toekomst biedt, ook als wij die nu niet kunnen zien. Hoop betekent vasthouden aan het licht, hoe klein het soms ook is, zoals het vlammetje dat blijft branden in een donkere nacht.
Laat de liefde voor elkaar, onze herinneringen aan de slachtoffers, en de zorg voor onze gemeenschap ons kracht geven om verder te gaan. We denken bijzonder aan hen die nu in het ziekenhuis vechten voor hun leven; moge God hen nabij zijn. Samen mogen wij geloven dat het laatste woord niet aan het kwaad is, maar aan het leven, aan de liefde van God die alles nieuw maakt.
Oproep tot verbondenheid
Deze tragedie herinnert ons eraan hoe kwetsbaar het leven is en hoe hard we elkaar nodig hebben. Laten we, juist nu, extra omzien naar onze gezinnen, onze kinderen, onze ouderen en onze buren. Laten we niet zwijgen, maar met elkaar praten, elkaar vasthouden, samen waken over onze gemeenschap. Het is belangrijk dat niemand zich alleen voelt. Alleen samen kunnen we het verdriet dragen, kunnen we langzaam weer opstaan uit de puinhopen van het onbegrijpelijke.
Schenk aandacht aan elkaar, wees mild en waakzaam voor signalen van pijn of nood. Een hechte gemeenschap is onze beste bescherming tegen het kwaad. Laten we bouwen aan verbondenheid, niet alleen in tijden van crisis, maar elke dag opnieuw.
Categorieën:geloof en leven, Overwegingen
Plaats een reactie