Dagteksten

Maandag 24 juni

Dagtekst:
Pred. 4,1: Ook werd ik getroffen door al de onderdrukking die er heerst onder de zon. Onderdrukten zie je in tranen, maar niemand die ze troost. Ze gaan gebukt onder de macht van verdrukkers, maar niemand die ze troost.

Overweging:
Zie je wel, er is weer niets nieuws onder de zon vandaag! Prediker ziet de tranen van mensen die onderdrukt worden. Och, Prediker, dat zien wij elke dag! Zag jij dat ook al? Hoe vaak zien we niet op het wereldnieuws dat kinderen honger lijden en dat ze heel ver moeten lopen om schoon water te halen. Ach, Prediker, laten we maar ophouden, ik hoor het al, het is overal hetzelfde. De rijken laten het kostbare water zomaar wegstromen en die arme kinderen moeten water halen in plaats van dat zij naar school kunnen. Dat is toch niet eerlijk, Prediker? Wat zeg je, Prediker, doen we daaraan mee? Omdat we ook een auto en een huis en een goed pensioen willen hebben en nog veel meer dingen, die we niet eens nodig hebben? Ik snap het, Prediker, jij ziet de tranen van die zwoegende kinderen en wij zien wat we niet hebben.

Gebed:
God van bevrijding,
in tijden van onrust biedt U mij houvast. Heer, open mijn hoofd en mijn hart voor de bevrijdende kracht van Uw woord. Geef dat ik levensmoed vat om Uw boodschap te bewaren en verder te dragen, de wereld door. Moge Uw koninkrijk komen, door Christus, onze leidsman, die leeft bij U in eeuwigheid. Amen.


Dinsdag 25 juni

Dagtekst:
1 Kor. 10,17: Omdat het brood een is, vormen wij allen tezamen een lichaam, want allen hebben wij deel aan het ene brood.

Overweging:
Wanneer we aan tafel gaan en samen het brood breken verandert er niet alleen iets aan ons persoonlijk, maar ook aan onze gemeenschap. Wij zijn verschillend van leeftijd en afkomst, van achtergrond en levensgeschiedenis, maar wij worden één lichaam. Zoals Paulus zegt: ‘Omdat het één brood is, vormen wij allen tezamen één lichaam, want allemaal hebben wij deel aan het ene brood’. Niet alleen als persoon, maar ook als gemeenschap worden we de levende Christus: genomen, gezegend, gebroken en uitgedeeld aan de wereld. Gezamenlijk laten we zien dat God er intens naar verlangt om alle mensen en volkeren samen te brengen als één familie van God.

Gebed:
Eeuwige barmhartige God,
Gij die mij vergezelt met uw rijke zegen, open mijn hart en raak mij met Uw Geest. Wakker in mij het verlangen aan om toe te leven naar Uw koninkrijk van vrede en gerechtigheid. Liefdevolle Vader, dit vraag ik U in de naam van Jezus Christus, brood van leven in tijd en eeuwigheid. Amen.


Woensdag 26 juni

Dagtekst:
Rom. 15,30: Maar ik doe een beroep op u, broeders, bij onze Heer Jezus Christus en de liefde van de Geest: staat mij bij in de strijd; bidt God voor mij,

Overweging:
‘Willen jullie voor me bidden?’ – dat wordt gevraagd wanneer iemand het moeilijk heeft. Maar Paulus zegt het net iets anders: ‘Willen jullie samen met me bidden?’ Sluit je alsjeblieft aan bij mijn gebed. Het kan goed zijn voor iemand te bidden, wanneer die persoon dat zelf niet meer kan. Maar wanneer iemand wel zelf bidt, is het mooier om te zeggen: bid met mij! Nu was Paulus niet in Rome; toch kunnen ze met hem mee bidden. Je hoeft niet op dezelfde plaats te zijn om één te zijn in gebed. Paulus verwacht veel van zo’n gezamenlijk gebed. Wanneer mensen eenparig iets van God vragen, maakt dat ook bij God indruk. Wanneer zijn kinderen iets dan zo graag willen, heeft het zijn bijzondere aandacht. Paulus hoopt de tegenstand te overwinnen en bij zijn broers en zussen in Rome te kunnen gaan. Dat gaat zeker lukken. Als ze met hem mee bidden.

Gebed:
Goede God, naar mij gaat uw liefde uit en U bevrijdt mij van al wat mij kwaad doet. Maak mij dan vrij om uw Woord te verstaan en laat mijn hart kloppen van vreugde, omdat ik thuis mag zijn bij U. Dan zal mijn ziel rust vinden in de zachtmoedigheid van Jezus, uw Zoon, die leeft vandaag en altijd in uw eeuwigheid. Amen.


Donderdag 27 juni

Dagtekst:
Maar ik doe een beroep op u, broeders, bij onze Heer Jezus Christus en de liefde van de Geest: staat mij bij in de strijd; bidt God voor mij,

Overweging:
Het meest vervallen leerstuk van ons hele geloof is dat van de genade. Die wordt alleen nog gezien als een stootje in de rug, bijkomend en zelfs niet altijd nodig. We redden het zelf wel. Doe je best en God doet de rest, zegt men. Alsof je alleen voor de laatste paar meter van de wedloop Gods hulp nodig had! Je kunt die zelfs niet missen om te kunnen starten. Het is de oude vergissing van het pelagianisme (de leer van Pelagius, die in de vijfde eeuw al beweerde dat er geen erfzonde bestond en dat de mens op eigen kracht zalig kon worden) die Augustinus al te lijf is gegaan. Nee, de mens moet verlost worden. Zonder Mij kun je niets’, zegt Jezus. Het is niet zo dat wanneer je alle hindernissen rond de mens wegneemt, hij automatisch groeit naar het goede. De geschiedenis weet wel beter. Daar is in onze dagen nog bijgekomen dat ‘zich laten verlossen’ of ‘verlost worden’ een aanslag lijkt op de menselijke waardigheid: het zou als vernederend overkomen. Je hoort een heel andere klank in het jubellied van de verlossing van Maria, het Magnifcat. Zij die alle redenen had om zich over zichzelf te buigen, spreekt niet over zichzelf, maar over God. Het lied draait helemaal om God en wat hij heeft gedaan. Verlossing ligt niet aan het eind van een maximum van onze inspanningen, maar het is het maximum van Gods genade ontferming.

Gebed:
God van alle leven,
Gij de de hele wereld draagt, zie mij verkramtptheid om mijzelf te bewijzen. Blaas de adem van Uw Geest over mijn huid. Wekt in mij de zachtheid, dat ik mij durft toe te vertrouwen aan Uw liefde, Uw barmhartigheid. Dit vraag ik U in naam van Jezus, Uw Zoon en alle dagen, tot in eeuwigheid. Amen.


Vrijdag 28 juni

Dagtekst:
Mc. 6,36b: “Wees niet bang, maar blijf geloven.”

Beeldoverweging:

Gebed:
Genadigde God,
U hebt Uw Zoon Jezus naar de wereld gezonden om van U te getuigen, om mij te bezielen en mij te raken met Zijn Woord van recht en vrede. Trouwe Vader, doe mij steeds weer groeien in geloof in Hem die mij tot heil geworden is, vandaag en alle dagen van ons leven, tot in Uw eeuwigheid.
Amen


Zaterdag 29 juni

Dagtekst:
Gen. 12,2b: Ik zal u zegenen en uw naam groot maken, zodat gij een zegen zult zijn.

Overweging:
Jezus is de gezegende. Toen Jezus gedoopt werd in de Jordaan kwam er een stem uit de hemel die zei: ‘Jij bent Mijn geliefde Zoon, in wie Ik vreugde vind’. Die zegen ondersteunde Jezus tijdens zijn leven. Wat Hem ook overkwam, bijval of afkeuring, die woorden bleven Hem bij. Hij vergat nooit dat Hij Gods geliefde Zoon was. Jezus is in de wereld gekomen om die zegen met ons te delen, om ons te laten horen dat die stem ook tegen ons zegt: ‘Jij bent Mijn geliefde zoon, jij bent Mijn geliefde dochter, je bent een man, een vrouw, in wie ik vreugde vind.’ Als we die stem kunnen horen, vertrouwen en niet vergeten – vooral in kwade tijden – dan kunnen we leven als Gods eigen kinderen, en daarin de kracht vinden om die zegen met elkaar te delen.

Gebed:
Goede God,
U geeft leven en toekomst aan al Uw geliefden.. Heer maak ook mij ontvankelijk voor uw Woord van vrede en leer mij dat ik ten diepste een zegen voor mijn mede broeders en zusters moet zijn; ook aan hen die niet in U geloven Heer. Laat mij door Uw Zoon Jezus zien dat ik U door in verbondenheid te te leven met me medemens. Trouwe Vader, dit vraag ik U deze dag en alle dagen, tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.


OMHOOG Jaargang 63, editie 23, 23 juni 2019